Behoefte aan vernieuwing van het onderwijsaanbod Afdrukken

Kernvragen
> Wat zijn uw beweegredenen om een nieuw programma te starten?
> Hoe krijgt u een beeld van de behoeften in de regio?
> Hoe kunt u de regiobehoeften goed en snel in kaart brengen?
> Wie gaat u betrekken bij het verder uitwerken van uw idee?
> Waarom zou u intensiever samenwerken met bedrijven?

 

Het inhoudelijk of didactisch vernieuwen van het onderwijsaanbod van de school vergt veel tijd en moeite. Het is belangrijk dat voordat wordt gestart met de ontwikkeling, duidelijk in beeld wordt gebracht in welke behoefte de vernieuwing voorziet en wat de mogelijkheden zijn binnen wet- en regelgeving. Scholen kunnen verschillende redenen hebben om een nieuw programma aan te bieden of een eigen programmavariant te ontwikkelen. Een roc of aoc kan een gerichte vraag stellen aan het vmbo om een voor de school nieuwe opleiding te starten die voorbereidt op een nieuwe of bestaande opleiding binnen het roc of aoc. Een gelijksoortige vraag kan ook komen vanuit de arbeidsmarkt. De behoefte voor een (voor de school) nieuwe opleiding kan ook vanuit de eigen schoolorganisatie komen. Uw school kan zich bijvoorbeeld beter willen profileren. Ook kunnen er onderwijskundige redenen zijn zoals de invoering van competentiegericht onderwijs of ‘natuurlijk leren’ of een betere aansluiting bij de vormgeving van de onderbouw.

Wat zijn uw beweegredenen om een nieuw programma te starten?
Scholen kunnen verschillende redenen hebben om het onderwijsaanbod te veranderen.

• Aantoonbare behoefte vanuit de regionale arbeidsmarkt
• Aantoonbare behoefte vanuit het regionale vervolgonderwijs
• Terugloop van het aantal leerlingen voor een afdeling of sector
• Vernieuwing van het onderwijs
• Nieuwe mogelijkheden binnen de WVO, zoals invoering van een nieuw examenprogramma
• Aansluiting bij de behoeften en belangstelling van leerlingen

Welke redenen zijn voor u relevant?

Hoe krijgt u een beeld van de behoeften in de regio?
Een onderzoek naar de behoefte aan een nieuwe opleiding binnen uw regio zal vaak nodig zijn. Dit kan via een eigen onderzoek maar u kunt ook gebruik maken van onderzoeken of analyses van andere organisaties, zoals bijvoorbeeld gegevens van regionale werkgeversorganisaties of een beleidsnotitie van de provincie of gemeente.
Een eigen onderzoek kan zich richten op het volgende:
• Vaststelling regio/verzorgingsgebied
• Kwantitatieve en kwalitatieve doorstroomgegevens eigen school-mbo
• Huidig en toekomstig onderwijsaanbod vervolgonderwijs
• Economische en demografische ontwikkelingen in de regio
• Innovatieve ontwikkelingen in de regio
• Scholingsbehoefte regionale bedrijfsleven

Welke kiest u?

> terug naar boven


Hoe kunt u de regiobehoeften goed en snel in kaart brengen?
Er kunnen in uw regio verschillende instanties of overlegstructuren zijn die over onderzoekgegevens beschikken waarvan u gebruik kunt maken.
Te denken valt aan:
• Regionale overlegorganen onderwijs-arbeidsmarkt
• Regionale arrangementen of Regionaal Plan Onderwijs waarbinnen een regiovisie is opgesteld
• Regionale samenwerkingsverbanden van werkgevers
• Kamer van koophandel
• Gemeente en provincie
• Kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven

> terug naar boven


Wie gaat u betrekken bij het verder uitwerken van uw idee?
Bij het vernieuwen van uw onderwijsaanbod is het belangrijk na te gaan wie direct belang kunnen hebben bij de voorgestane verandering. Als u dat helder hebt, kunt u deze betrekken bij het verder uitwerken van uw idee. Het kan hierbij gaan om de volgende instellingen of groepen.
• Regionale bedrijven en instellingen
• Branches
• Regionaal vervolgonderwijs
• Overige vmbo-scholen in de regio
• Provincie
• Gemeente
• Ouders en leerlingen
• Docenten
• Bestuur

> terug naar boven


Waarom zou u intensiever samenwerken met bedrijven?
Vmbo-scholen vinden het steeds belangrijker dat hun leerlingen in aanraking komen met het echte bedrijfsleven. Bedrijven zijn, vanuit hun maatschappelijke verantwoordelijkheid en vanuit het oogpunt de toekomstige personeelsvoorziening te waarborgen, steeds meer bereid om samen te werken. Scholen ervaren het echter vaak als problematisch om een structurele samenwerking tussen vmbo-onderwijs en bedrijfsleven op lokaal of regionaal niveau te realiseren. De aansluiting onderwijs-bedrijfsleven is nog vaak beperkt tot toevallige contacten van individuele docenten met bedrijven zonder relatie met het beleid van een school.

In het eindverslag van de kenniskring die Het Platform Beroepsonderwijs in 2005/2006 ondersteunde, leest u veel voorbeelden en praktijktips voor een betere relatie met partners uit het bedrijfsleven. De tips variëren van het gebruik van bestaande netwerken tot het werken vanuit de één-loket-gedachte.

Regelmatig kwam het grote cultuurverschil tussen onderwijs en bedrijfsleven in de gesprekken naar voren. Het onderwijs heeft nog een wereld te winnen als het gaat om dienstverlening, niet alleen ten opzichte van de leerlingen en studenten maar juist ook van de bedrijven.

De vijf belangrijkste leerpunten uit de kenniskring zijn:
• Intensieve samenwerking tussen bedrijfsleven en onderwijs komt alleen tot stand bij samenwerking op drie niveaus: bestuurlijk, tactisch en operationeel.
• Bedrijven doen niet mee aan het samen vormgeven van de opleiding. Ze hebben hier onvoldoende belang bij. Scholen gaan daarnaast ook vooral uit van hun eigen organisatie, een strategie die voor het bedrijfsleven leidt tot een plek op de tribune.
• Bedrijven werken graag samen aan nieuwe opdrachten. De opdrachten moeten voor de bedrijven wel relevant zijn.
• Het belang van een persoonlijke relatie/binding met het bedrijf blijkt evident, evenals korte, duidelijke communicatie en besluitvaardigheid. Docenten moeten leren de relatie met bedrijven te onderhouden.
• De school hoort zich rond stage dienstverlenend aan een bedrijf op te stellen. Dat impliceert uiteraard dat begeleiders van uurdocenten veranderen in begeleiders die van acht tot vijf beschikbaar zijn.
Het grootste knelpunt in de relatie met bedrijven is het gebrek aan flexibiliteit. Hierdoor ervaren bedrijven de samenwerking met scholen vaak als stroperig.

> Kenniskring Co-makership school en bedrijf (worddocument), José Hermanussen, december 2005

Tips
• Betrek diegenen die direct belang hebben bij de nieuwe opleiding zo snel mogelijk bij het invoeringsproces.
• Wees duidelijk naar direct betrokkenen over de beweegredenen voor de wijziging van het onderwijsaanbod van uw school.
• Probeer het doel van de vernieuwing zo concreet mogelijk te omschrijven, zoals betere doorstroomkansen voor leerlingen, verbetering concurrentiepositie, betere aansluiting en voorbereiding op het vervolgonderwijs, enz.
• Provincies hebben een rol bij de begeleiding van het totale aanbod aan beroepsonderwijs in de provincie. Overleg met de provincie over nieuw vmbo-onderwijsaanbod is noodzakelijk. De invulling van die taak verschilt echter per provincie. Mogelijk dat provincies al vooronderzoek hebben gedaan.
• In de regiovisie van regionale arrangementen of RPO's zijn vaak gegevens opgenomen over ruimtelijke, economische en demografische ontwikkelingen.
• Regionale werkgeversorganisaties beschikken over informatie over de gewenste en toekomstige ontwikkelingen op de regionale arbeidsmarkt.
• Het belang van een persoonlijke relatie/binding met het bedrijf blijkt evident, evenals korte, duidelijke communicatie en besluitvaardigheid. Docenten moeten leren de relatie met bedrijven te onderhouden.
• Probeer zoveel mogelijk samen te werken met andere partijen (vmbo- of mbo-scholen, bedrijfsleven, enz.) in uw regio. Er zijn al verschillende samenwerkingsverbanden die zich richten op een betere afstemming onderwijs-arbeidsmarkt. Op de website van Het Platform Beroepsonderwijs staat een overzicht van bestaande samenwerkingsverbanden in de verschillende regio’s.

Meer informatie
schoolvoorbeelden_logo_klein.jpg
 

Links
> Regio organisatie MKB
> VNO-NCW
> LTO
> Kamer van Koophandel
> Servicepunt MKB
> CWInet
> Het Platform Beroepsonderwijs
> De website van de 12 provincies
> http://www.cbsinuwbuurt.nl
> http://www.incijfers.nl (Statische informatie over gemeenten)
> http://oic.cfi.nl (Onderwijs in cijfers)

> terug naar boven